HAM Radio ZendExamens Banner  [ Welkom ]  [ Het waarom ]  [ Examens ]  [ Morse sectie ]  [ QTH Locator ]  [ Lijsten / Tabellen ]  [ Documenten ]  [ Link Sectie ] 
Home » Examen oefeningen » Start pagina F/C examens » C1980Najaar

C-Examen : 1980 Najaar (50 vragen).


Vraag 1


Het uitzenden van televisie-signalen is zonder meer toegestaan:


op alle amateurbanden boven de 144 MHz
op alle amateurbanden boven de 430 MHz
in de amateurbanden 430-440 MHz en 1215-1300 MHz


Vraag 2


Een station wordt tijdelijk geïnstalleerd op de watertoren in Hovingadam, zonder dat de Radiocontroledienst hiervan in kennis is gesteld.

Bij de proeven via dit station door PE1XYZ moet hij als volgt zijn identificatie uitzenden:


dit is PE1XYZ/M op de watertoren van Hovingadam
dit is PE1XYZ/A aan de Watertorenstraat 13 te Hovingadam
dit is PE1XYZ aan de Watertorenstraat 13 te Hovingadam


Vraag 3


Het zendvermogen van een A3J-zender wordt bepaald:


bij 50% modulatie met een 1300 Hz toon
bij modulatie met een 1500 Hz toon
bij modulatie met twee tonen , respectievelijk 1300 en 1500 Hz , met gelijke amplitude


Vraag 4


De bandbreedte van de uitzending is het frequentiegebied:


tussen de hoogste en de laagste uitgezonden frequentie
gelijk aan tweemaal de hoogste spraakfrequentie
waarbinnen 99% van de uitgezonden energie valt


Vraag 5


Een station met 16F3 modulatie in de 144-146 MHz-band , mag op de volgende frequentie NIET zenden:


144.016 MHz
145.995 MHz
145.160 MHz