[
Welkom
] [
Het waarom
] [
Examens
] [
Morse sectie
] [
QTH Locator
] [
Lijsten / Tabellen
] [
Documenten
] [
Link Sectie
]
Home
»
Examen oefeningen
»
Start pagina F/C examens
»
Full Exameneisen
»
1. Elektriciteitsleer
» 1.7 Niet-sinusvormige signalen
1.7 Niet-sinusvormige signalen (10 vragen).
Vraag 1
De gelijkspanningscomponent van dit signaal is
2 V
4 V
3 V
6 V
Vraag 2
Een gevoelige CW-ontvanger voor de 28 MHz band heeft omschakelbare middenfrequentfilters.
Als de middenfrequent bandbreedte wordt omgeschakeld van 500 Hz naar 1000 Hz, dan zal het ruisvermogen aan de ingang van de productdetector:
verdubbelen
verviervoudigen
halveren
gelijk blijven
Vraag 3
Een zender werkt op 145 MHz.
De eerste harmonische hiervan is:
217,5 MHz
290 MHz
145 MHz
72,5 MHz
Vraag 4
De gemiddelde waarde van de stroom is:
3 A
0,5 A
0,333 A
1,165 A
Vraag 5
Een sinusvormig signaal is opgeteld bij een gelijkspanning.
De gelijkspanning bedraagt:
10 V
6,37 V
7,07 V
5 V