[
Welkom
] [
Het waarom
] [
Examens
] [
Morse sectie
] [
QTH Locator
] [
Lijsten / Tabellen
] [
Documenten
] [
Link Sectie
]
Home
»
Examen oefeningen
»
Start pagina F/C examens
»
Full Exameneisen
»
8. Metingen
» 8.1 Meten
8.1 Meten (10 vragen).
Vraag 1
Met de schakeling worden achtereenvolgens vier signalen met gelijke amplitude gemeten.
De grootste uitslag treedt op bij:
Vraag 2
Met de schakeling wordt de peak envelope power (PEP) van een enkelzijbandzender gemeten.
De condensator moet een waarde van ongeveer 2 μF hebben om:
de aanwijzing de snelle veranderingen van de modulatie te laten volgen
uitstraling van harmonischen door de meter te voorkomen
de aanwijzing onafhankelijk te maken van de golfvorm van de omhullende
de effectieve waarde van de HF wisselspanning te meten
Vraag 3
De schakeling wordt gebruikt voor het meten van een wisselspanning met een frequentie van 50 Hz.
De draaispoelmeter, die voor gelijkspanning geijkt is, meet van de gelijkgerichte spanning:
de gemiddelde waarde
het kwadraat van de effectieve waarde
de effectieve waarde
de topwaarde
Vraag 4
De voltmeter heeft een inwendige weerstand van 200 kilo-ohm.
Wanneer de spanning tussen de punten X en Y met deze voltmeter wordt gemeten, bedraagt de meetfout ongeveer:
10%
2%
40%
20%
Vraag 5
Een wisselstroom met een frequentie van 14 MHz in een draad van een open voedingslijn kan gemeten worden met een:
in de draad opgenomen koolweerstand van 1 Ω en hierover een draaispoelmeter
dipmeter
in de draad opgenomen koolweerstand van 1 Ω en hierover een draaispoelmeter in serie met een diode
staandegolfmeter