[
Welkom
] [
Het waarom
] [
Examens
] [
Morse sectie
] [
QTH Locator
] [
Lijsten / Tabellen
] [
Documenten
] [
Link Sectie
]
Home
»
Examen oefeningen
»
Start pagina N/D examens
»
Novice Exameneisen
»
9. Storing en immuniteit
» 9.3 Maatregelen tegen storingen
9.3 Maatregelen tegen storingen (10 vragen).
Vraag 1
Een 2-meter EZB-zender veroorzaakt storing in een geluidsversterker.
LF-detectie wordt voorkomen door toepassing van een weerstand van ongeveer 500 Ω in de basisleiding van de 1
e
transistor en een C naar aarde.
De goede keuze voor C is:
1 μF
1 pF
100 nF
100 pF
Vraag 2
De meest effectieve schakeling om 'laagfrequent inpraten' te voorkomen is:
Vraag 3
Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storing in de frequentieband 61-68 MHz.
De storing kan worden verminderd door:
de uitsturing van de eindtrap te verkleinen
de afvlakking van de voeding te verbeteren
de frequentiestabiliteit te vergroten
een hoogdoorlaatfilter achter de zender te plaatsen
Vraag 4
Een 10-meter zender veroorzaakt laagfrequentdetectie in een geluidsinstallatie.
Om de storing op te heffen worden de laagohmige luidsprekeruitgangen ontkoppeld door middel van condensatoren parallel aan de uitgangen.
De meest geschikte capaciteitswaarde is:
10 nanofarad
10 millifarad
10 microfarad
10 picofarad
Vraag 5
Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storingen in de TV-ontvangst van kanaal 4 (61-68 MHz) .
De storingen kunnen worden opgeheven door:
in de modulatortrap een laagdoorlatend filter toe te passen
de eindtrap in klasse C in te stellen
een laagdoorlatend filter in de antennevoedingskabel van de zender toe te passen
een hoogdoorlatend filter achter de zender te plaatsen