HAM Radio ZendExamens Banner  [ Welkom ]  [ Het waarom ]  [ Examens ]  [ Morse sectie ]  [ QTH Locator ]  [ Lijsten / Tabellen ]  [ Documenten ]  [ Link Sectie ] 
Home » Examen oefeningen » Start Pagina N/D examens » Novice Exameneisen » 2. Componenten » Condensator

2.2 Condensator

2.2.1 capaciteit

Een condensator bestaat uit twee geleiders gescheiden door een isolator (het diëlektricum). De capaciteit is groter bij een groter plaatoppervlak, een kleinere plaatafstand en een diëlektricum met een grotere diëlektrische constante (lucht ≈ 1; een plaat met 5 ertussen: 5 x zo groot). Een hogere spanning verandert de capaciteit niet.

PE1HVH - Exameneisen Novice 2.2 Condensator: opbouw van een condensator

Op gelijkspanning laadt de condensator op; daarna loopt er geen stroom meer door (0 A). Een grotere condensator verandert de gelijkstroom in de rest van de schakeling dus niet.

2.2.2 de eenheid farad

Eenheid van capaciteit: farad (F). In de praktijk: µF (1 F = 1.000.000 µF), nF en pF. Een juist opschrift is bijvoorbeeld 3,3 nF. "20 µF/16 V" betekent 20 microfarad met een maximale werkspanning van 16 V. 200 pF 5% ligt tussen 190 en 210 pF.

2.2.3 gebruik van vaste en variabele condensatoren: lucht-, mica-, kunststof-, keramische en elektrolytische condensatoren





Referenties/bronnen:
VRZA Cursus radio zend amateur
CBR - Exameneisen radiozendamateur Novice (met ingang van 1 december 2024)